Onderwijs in de e-Humanities: Cultural Heritage and the Media

Trefwoorden: digitale onderzoeksomgeving, onderzoeksmethoden, interactieve communicatie, e-Humanities, onderzoekstools

Informatie

Projectleider: prof.dr. E.M.P. van Gemert, Directeur Amsterdams Centrum voor de Studie van de Gouden Eeuw

Faculteit: FGw, Neerlandistiek 

projectmedewerkers: Sabine Muller en Herman Brinkman (o.a.)

Looptijd: september 2012 –  september 2013

Korte beschrijving van het project

In de E Humanities veranderen ook voor de Neerlandistiek de werkomgeving en de onderzoeksmethodieken in een snel tempo. Studenten en docenten moeten leren omgaan met grote hoeveelheden gedigitaliseerde data, zowel in cognitieve benadering en onderzoeksopzet, als in uitvoering van analyses. Het project ‘Onderwijs in de e-Humanities: Cultural Heritage and the Media’ heeft tot doel studenten te leren digitale onderzoeksmethoden uit de stylometrie en netwerkanalyse zelfstandig te gebruiken en tevens om de resultaten van hun onderzoek digitaal te verwerken, erover te communiceren en ze te presenteren. Tegelijkertijd leren docenten in het project middels modulair opgezet onderwijs op de nieuwe ontwikkelingen in te spelen. Hiertoe is een digitale, virtuele onderwijsomgeving gecreëerd waarin bachelor studenten en docenten interactief communiceren. Binnen deze omgeving kunnen studenten bronnen en onderzoeksinstrumenten kritisch evalueren en toepassen in hun eigen vervolgonderzoek. Daarnaast krijgen docenten buiten het project de gelegenheid om het project te observeren, de presentaties door de studenten bij te wonen en zelf met de onderwezen tools kennis te maken en te oefenen in enkele voor hen georganiseerde onderwijsbijeenkomsten, waaronder een workshop door de ICTO-medewerkers. 

 

Screendump Cultural Heritage

Korte beschrijving van projectresultaten 

Er is een digitale werk- en leeromgeving gebouwd op basis van Buddy Press (een social network omgeving die is afgeleid van Word Press), die het midden houdt tussen Blackboard en een Virtual Research Environment. Daarnaast is er stylometrisch studiemateriaal ontwikkeld voor introducerend onderzoek op het gebied van auteursidentificatie en sociaal-culturele netwerkanalyse. Hiervoor is gebruik gemaakt van de volgende programmatuur: AntConc, Excel, Intelligent Archive, Minitab, Access, Pajek en Gephi. Het onderzoeksmateriaal is gebaseerd op bronnen en vraagstellingen op de gebieden Medieval Studies en Golden Age Studies.

Een aantal studenten heeft in vervolgonderwijs zelfstandig onderzoek verricht op basis van het project.

 

(Onderwijskundige) meerwaarde van het project 

De meerwaarde van het project bestaat voor docenten en studenten ten eerste uit de intensieve confrontatie met de denk- en werkwijze binnen de e-Humanities. De docenten in het project vergroten  hun inzicht en vaardigheden in het doceren van methoden en technieken. De studenten maken effectief kennis met een innovatief onderzoeksterrein en leren zich daar te bewegen. De vertaling van actuele kwantitatieve onderzoeksmethodieken naar het niveau van het bacheloronderwijs vormt een onmisbare voorbereiding op de omgang met innovatieve onderzoeksmethoden die op dit gebied in het masteronderwijs worden toegepast. De docenten buiten het project worden gestimuleerd stappen in de e-Humanities te zetten. Ten tweede bestaat de meerwaarde uit actualisering en nauwere aansluiting van onderwijsaanbod op de huidige ontwikkelingen in de e-Humanities.

 

Highlights van het project

  • Docenten in het project zijn geprofessionaliseerd in de omgang met digitaliteit binnen het vakgebied
  • Student kent de voornaamste actuele bronnen, methoden en onderzoeksinstrumenten voor stylometrie en netwerkanalyse, kan ze toepassen en kritisch evalueren
  • Student leert zijn onderzoeksresultaten kritisch te evalueren en te presenteren
  • De student kan zelf onderzoek verrichten en daarover binnen een virtuele onderzoeksgemeenschap communiceren
  • Er is een geëvalueerd en doorontwikkeld onderwijsprogramma beschikbaar dat regulier inzetbaar is
  • Er is een ingerichte interactieve digitale, virtuele onderwijs- en onderzoeksomgeving die opschaalbaar is binnen het departement en de faculteit
  • Overige docenten hebben kennisgemaakt met de onderwezen tools en de verschillende onderzoeksmethodieken

 

Lessons learned van dit project

Het is bekend dat introductie en toepassing van voor de student geheel nieuwe typen programmatuur en denkwijze  een groot beroep doet op het cognitieve en creatieve vermogen van de student. Dit vraagt grote inzet van de studenten en de docenten. De intensieve onderwijsvorm (tweemaal per week en voortdurend hands on) en het duidelijk aangetoonde potentieel van de onderwezen tools zorgden voor een hoge mate van betrokkenheid en nieuwsgierigheid bij de studenten. Door voortdurend in te spelen op het niveau van de individuele studenten en hen steeds onderling problemen te laten delen, maakten ze in het korte tijdsbestek van 8 weken maakten ze grote vorderingen op een voor hen nieuw terrein.

 

Toekomst project

Het project ‘Cultural Heritage and the Media’ blijft keuzevak een onderwijsmodule. In het cursusjaar 2013-2014 is geroosterd in het tweede semester. Wel maakt de dynamiek binnen de software ontwikkelbranche het noodzakelijk de toegepaste programmatuur te blijven evalueren en te actualiseren.

Ideeën voor gebruik van het project in een andere context 

Inhoudelijk zijn de tools breder toepasbaar dan binnen de Neerlandistiek alleen: ze zijn geschikt voor tekstuele analyses en sociaalculturele analyses. Met name het onderwijs in de vreemde talen en geschiedenis kan hier zijn voordeel mee doen.

Ook het hands on onderwijsformat is geschikt voor brede toepassing. Wel dient men erop toe te zien dat er voldoende ruimte wordt vrijgehouden voor zelfreflectie en onderlinge reflectie bij de studenten, omdat  de e-Humanities veel nieuwe zaken tegelijk onder hun aandacht brengen. Het is belangrijk dat het geleerde ook de kans krijgt in te bedden in wat reeds bekend en vertrouwd is.

Gelet op niveauverschillen bij aanvang van de cursus is het verstandig bij de verstrekking van opdrachten in te spelen op de sterke en zwakke kanten van studenten. Voor studenten met een alfa-profiel is de omgang met de gebruikte programmatuur goed leerbaar, maar geen vanzelfspekendheid. 

Gepubliceerd door  ODG

17 september 2014